Verslag van workshop: Top van Onderop 2007  
  gehouden op 20 mei 2007 in Amsterdam  
  verslag door Jolijn Santegoeds, www.mindrights.nl   
     
 

Verslag van de Workshop op de Top van Onderop, 20 mei 2007

De deelname aan de Top van Onderop (www.sociaalforum.nl ) werd dit jaar uitgebreid met een cliëntenweekend in het Haarlemse zorghotel Pit-stop. Op vrijdagavond kwamen we daar samen met een groep van zo’n 10 (ex-) clienten en hebben we gezellig kennisgemaakt en de workshop voorbereid, alvorens het nachtleven van Haarlem te bezichtigen.

Op zaterdag bezochten we het Dolhuys in Haarlem. Dat is het museum van de psychiatrie, dat deze week een prijs gekregen heeft omdat ze tot 1 van de 5 beste musea van Europa behoren. Het viel mee, het was niet zo zwaar als ik gedacht had. Het was best luchtig en vooral bedoeld om meer begrip voor de psychiatrische belevingen te krijgen. Ik vond het heel erg goed opgezet, ondanks dat de huidige hulpverlening er nogal rooskleurig vanaf leek te komen, maar daar ging het in het museum niet over. Daardoor was daar ook geen discussie daarover en ik vond het daarom ook lekker ontspannen. Een leerzaam dagje uit. Lekker anders dan anders.

Op zondag gingen we om 9 uur weg vanuit Haarlem om naar de Top van Onderop 2007 in Amsterdam te gaan. Om 11.00 uur begon onze workshop “Armoede, Onderdrukking en Psychiatrie” in lokaal 2,3 (een Duits leslokaal) op het Barleaus Gymnasium, vlakbij het Leidseplein in Amsterdam. Met 5 sprekers en zo’n 30 mensen in het publiek zat het zaaltje helemaal vol.

Marietje vertelde over haar verleden met seksueel misbruik, waardoor ze uiteindelijk psychotisch is geraakt. Ze voelde zich niet geholpen door de doktoren die haar enkel pillen voorschreven, en is zich pas beter gaan voelen toen ze begon te praten over het geweld met andere vrouwen. Marietje heeft vervolgens een praatgroep opgericht die is uitgegroeid tot een zelfhulpgroep en –netwerk, Stichting Time-out, dat ondersteuning en informatie geeft aan vrouwen met geweldservaringen en de vrouwen een veilige haven biedt om inzicht, uitzicht en overzicht op zichzelf te krijgen. Want als deze vrouwen niet goed geholpen worden belanden ze verward en werkeloos aan de zijlijn van de samenleving, waardoor ze een makkelijke prooi zijn voor armoede, en opnieuw misbruik en geweld, uitlopend op nog meer psychische klachten, waardoor armoede, misbruik, geweld, psychische klachten en zelfmoorden hand over hand toenemen voor deze vrouwen. De zelfhulpgroep Time-Out in Valkenburg probeert met diverse projecten de vrouwen de helpende hand te bieden.

Jolande doet ook mee in een vrouwen-zelfhulpgroep en moet leven van 40 euro per week, waar ze samen met haar dochter alles van moet doen. Ze kan niet gaan werken en heeft geen geld om dingen te gaan doen. Blij is ze met de shag die ze soms van bekenden krijgt, want dan kan ze roken en duurt de tijd minder lang. Ze loopt wel eens rond, maar wat kan je zonder geld? Ze voelt zich heel vaak depressief en dit alles doet haar hele situatie geen goed. Ze weet niet hoe ze hieruit moet komen. Armoede en psychiatrie gaan heel vaak hand in hand.

Jenny zit in een RIBW (begeleid wonen) en geeft aan dat de leefomstandigheden daar ook verre van optimaal zijn. Slechte voeding, onvoldoende ruimte, ongespecialiseerde begeleiding en groepen waarbij alles maar door elkaar wordt gezet zijn een greep uit de klachten. Ook verslavingen zoals nicotine, drank, drugs worden niet of nauwelijks behandeld, wat voor extra problemen zorgt. Bovendien gaan de mensen er vaak niet meer weg en zitten voor hun leven lang in RIBW’s. Reintegratie is er dan dus niet bij. Ze worden er vergeten. Begeleiding komt maar 1 keer in de week even kletsen. Van een cliëntenraad hebben ze nog nooit wat gehoord. De politiek kent hun ook niet en weet niet hoe ze met deze groep mensen om moeten gaan, zoals blijkt uit het voorgaande. Ook Jenny vraagt zich wel eens af hoe ze hieruit zal gaan komen.

Jan vertelt vervolgens wat meer over de economische samenhang. De psychiatrische patiënten zijn vaak arm, maar de klinieken meestal ook. In sommige klinieken in Oost-Europa gaat de helft van de patiënten dood tijdens het eerste jaar van hun opname, vanwege armoede (ondervoeding, kou, slechte hygiene, prostitutie, verwaarlozing enz.). Ook in Afrika is het erg, waar de klinieken voor de meeste patiënten onbereikbaar zijn. Niemand weet hoeveel patiënten daar jaarlijks overlijden. In het westen, zoals Nederland plegen GGZ-clienten vaker zelfmoord onder prestatiedruk. Zelfs op Harvard is een zelfhulpgroep voor mensen die zichzelf snijden. Als zelfs de slimste studenten het niet meer aankunnen, wat zegt dat dan over onze samenleving? De rijke mensen gaan doorgaans niet naar een reguliere GGZ-aanbieder, maar naar een privé-coach of adviseur. De armsten van de samenleving, die verhoudingsgewijs het meest lijden aan GGZ-problemen (eenzaamheid, armoede, geweld enz.) blijven vaker weg van de hulpverlening en de bijstand. Zij beschikken vaak ook in mindere mate over een sociaal netwerk dat ze kan helpen bij de bureaucratie. Gemiddeld wordt de GGZ dus vooral gebruikt voor en door de middenklasse van de bevolking en blijft een groep die het heel hard nodig heeft verstoken van zorg. Alles draait om het arbeidsproces en het is erbij horen of erbuiten vallen, ofwel winners en losers, en dat creëert individualisme en concurrentie. Degenen die erbuiten vallen worden daarbij steeds vaker gecriminaliseerd, en er is een trend op te merken waarbij er steeds meer mensen met psychische problemen in de gevangenis komen in plaats van in de zorg. Deze stigmatisering werkt verdergaande bezuinigingen in de hand. Amerika is daarvan een duidelijk slecht voorbeeld. Een uitkering krijgt men slechts voor een duur van 2 jaar en veel (zwarte) armen worden zonder directe aanleiding opgepakt en in (geprivatiseerde) gevangenissen gezet. Armoede, oorlog, geweld, een slechte jeugd kan dramatische gevolgen hebben in deze maatschappij. De tegenstellingen tussen arm en rijk nemen steeds sneller toe en leiden tot een verharding van de maatschappij. Armoede, schulden en leningen zijn grote problemen en veroorzaken een grote druk naast de prestatiegerichtheid van onze samenleving en stigmatizering van de zwakkeren. Het psychische lijden zet zich om in woede en haat, of depressie, medicijngebruik, drugsgebruik en zelfmoord. Mensen zien het en voelen zich machteloos, gaan over op fatalisme en een cynische vorm van het redden van de eigen schulp. Onze wereld kent een spiritueel probleem. Hoe vind je in deze wereld een kader om je aan te binden? Wat dus nodig is voor een beter wereld voor GGZ clienten, is solidariteit onder de mensen, in de zorg en in de hele samenleving, en de bestrijding van armoede en geweld.

Jan is ook actief op de Universiteit van Maastricht en zet zich ook in voor clientenbelangen bij Clienten Centrum Limburg (CCL) en het ENUSP (European Network of Users and Survivors of Psychiatry).

Jolijn vertelde over haar slechte ervaringen met de psychiatrie, en de kwaadheid om het onrecht, waardoor ze tot het opzetten van Actiegroep Tekeer tegen de isoleer! is gekomen. Daarmee onderneemt ze veel acties om te pleiten tegen dwang en voor een positieve benadering waarbij mogelijkheden voor zelfontplooiing worden geschept en echte hulp wordt geboden. Er zijn sindsdien verschillende projecten gestart binnen de GGZ-instellingen om dwang en isoleercelgebruik terug te brengen. De branche vereniging GGZ Nederland heeft als doel gesteld om het separeergebruik jaarlijks met 10 % te verminderen, dan zouden er over 10 jaar geen isoleercellen meer zijn. De geïnvesteerde moeite lijkt dus ook zijn vruchten af te gaan werpen. Participeren is dus heel zinvol en van stoppen is nog geen sprake.
Ook internationaal is Jolijn actief, o.a. op het WSF 2007 (Wereld Sociaal Forum) in Afrika, waar eveneens een workshop over psychiatrie is georganiseerd samen met Jan en Marietje. Binnenkort gaat Jolijn zelfs naar de World Health Organization (WHO) om mee te praten over maatschappelijke geestelijke gezondheid, en ze hoopt daarmee haar netwerk en haar kennis verder uit te breiden. Ze vertelde dat haar verzoek helaas was afgewezen om bij de WHO de conclusie van het eerste NSF 2004 te bespreken, waarbij gesteld werd dat de mensenrechtenverklaringen mbt psychiatrie onduidelijk waren en mensenrechtenschendingen in de psychiatrie mogelijk maakten. Desalniettemin hoopt ze een mooie bijdrage aan de discussie te kunnen leveren.

 

Uit de zaal kwamen behoorlijk wat reacties, zoals een vrouwelijke psychiater, oorspronkelijk afkomstig uit Zuid Amerika, die opmerkte dat er een duidelijk cultuurverschil was tussen het westen waar men “kil” handelt, en het warmere zuiden waar zij vandaan komt. Ze gaf aan dat ze de westerse afstandelijkheid nog steeds niet kon begrijpen. Er werd uiteindelijk besloten met de conclusie dat de zorg en onze samenleving beiden menselijker, “warmer” en socialer zouden moeten worden.

Nona vroeg tenslotte nog aandacht voor het initiatief Multiloog, een maatschappelijke discussiegroep die actief is in en rond Amsterdam.

En bij het naar buiten gaan kregen de aanwezigen nog de kans om een latex handschoen te ondertekenen tegen het visiteren van kinderen die jeugdzorg nodig hebben, maar vanwege een plaatsingstekort in een jeugdgevangenis geplaatst zijn (actie van Actiegroep Tekeer tegen de isoleer! zie ook www.mindrights.nl)

Het was een mooie en goede bijeenkomst, waar ook de cameraploeg van het NOS-journaal nog even binnen kwam vallen, en ’s avonds kwam onze workshop in een flits voorbij op het journaal. Ik ben erg tevreden.