Verslag Congres Macht en Onmacht in de GGZ - 2005  
  gehouden op 19 mei 2005 in de Reehorst in Ede  
  Verslag door: Jolijn Santegoeds  
     
 

Op 19 mei 2005 vond het congres 'Macht en Onmacht in de GGZ' plaats in de Reehorst in Ede. Het congres was bedoeld voor hulpverleners (psychiaters en verpleegkundigen). Bij de sprekers was ook een (ex)client. Ik ben ook een (ex)client en ik bezocht congres Macht en Onmacht als bezoeker.
Het was heel interessant en er heerste een goede sfeer. Er is op dit moment een cultuurverandering binnen de GGZ gaande, een bijzonder goede vooruitgang. Dat bleek uit de presentaties op het congres. 

De eerste spreekster, Mathilde Bos (verpleegkundig docent) sprak als inleiding over gestichtspsychiatrie; een ouderwetse vorm van hulpverlenen, waarbij het niet echt uitmaakte wat de hulpverlener of client deed. Er heerste onmacht en daardoor veel dwang. Een lange lijst van huisregels en een streng toezicht op naleving. Men verwachtte dat door training in een strak regime deze mensen weer 'normaal' gingen functioneren. De gehele psychiatrie klampte zich te strak vast aan de diagnose, uitgaande van wat een client allemaal niet kan, en baseerde daar verregaande beperkingen op. Men handelde meer uit angst dan uit wetenschappelijke gronden. Zo werd de client alles ontnomen. Tegenwoordig heeft de hulpverlening ontdekt dat het beter is om echt contact aan te gaan met clienten en uit te gaan van wat een client allemaal wel kan. Hulpverleners zullen daarbij meer gebruik moeten maken van hun menselijke eigenschappen en vooral respect, creativiteit en empathie spelen daarbij een belangrijke rol. Een moedige verpleegkundige maakt keuzes per individu.

Ivo Sindram (advocaat) legt uit dat door het huidige systeem van wetten en bureaucratie de machteloosheid in de GGZ in principe is toegenomen. Eerst lag de macht over gedwongen behandeling bij de hulpverleners, maar die is via de BOPZ verschoven naar de juristen (over de hoofden van de clienten). Hulpverleners staan 'machteloos' af te wachten tot de jurist ingrijpt. Er heerst nu dus onmacht, wat de kwaliteit van zorg niet ten goede komt.

De volgende spreker, Frans Huitema (psychiater en directeur) vertelt dat veel incidenten niet gemeld worden en dat er vroeger ook niets mee gebeurde. Bureaucratie en ontwijking en doofpot zijn daarbij de sleutelbegrippen. De oplossing ligt volgens hem in het vernieuwen (versimpelen) van de definitie van 'een incident' en een officieel (landelijk) meldpunt voor incidenten.

Na de pauze kwam Jeroen Ruis (verpleegkundige jeugdpsychiatrie) vertellen over de behaalde goede resultaten van het project Dwang en Drang. Het aantal separaties per dag was daarvoor ongeveer 6 per dag. Door ervoor te kiezen om meer naast de client te gaan staan, dan boven de client separeren ze nu nog maar zelden. Het is ze gelukt om een betere sfeer te creeren door de jongeren op een normale manier proberen aan te spreken op hun gedrag en er steeds bij na te denken hoe belangrijk de omgeving voor de client is. De beheerscultuur is verruild voor een sociologische aanpak en er is gekozen voor een meer individuele aanpak, immers verschil mag er zijn.

Jan-Willem Louwerens (psychiater/zelfstandig ondernemer) sprak erg boeiend over het 'hulpverlenerssyndroom', wat zoiets inhoudt als de prestatiedrang van verpleegkundigen. Zij willen hoe dan ook een oplossing bieden voor alles wat hun als probleem zien en gaan daarbij ruimschoots voorbij aan de behoeften van de client. Maar in feite willen clienten ook gewoon een leuk leven leiden en is het de bedoeling dat ze daarbij gesteund worden door de hulpverleners. Het doel van de hulpverlening is de autonomie en regie vergroten ten aanzien van contact, plezier en leefklimaat van de client, in plaats van alles afnemen. Agressie is een product van bejegening en omgeving en geen psychopathologisch verschijnsel. Genezing is geen training, maar juist samen zoeken naar mogelijkheden. Het personeelstoilet en het kantoor (aquarium) van de verpleging zijn symbolen voor de scheve verhouding tussen patienten en hulpverleners. Weg met de menselijke ongelijkwaardigheid. Jan-Willem Louwerens spreekt over gehospitaliseerde medewerkers in de GGZ die hun visie maar moeilijk kunnen veranderen van het oude diagnosegerichte machtsverlenen naar positief hulpverlenen en de ernstige verwaarlozing van clienten die op is getreden in de psychiatrie.
Psychiatrisch verpleegkundige zijn is een zwaar en moeilijk beroep. Zijn advies voor verpleegkundigen is: doe aan zelfreflectie, blijf kritisch en richt je aandacht op verbetering, een goede sfeer en zinvolle relaties. Hij vervolgde nog met een verhaal over een ervaring op een isoleercelvrije-afdeling met de opmerking dat "de effectiefste manier om het aantal separaties te verminderen het afschaffen van de isoleercel is" . Ik heb geapplaudiseerd.

Daarna was als laatste spreker Alf Berendse (ex-client, ex-hulpverlener) aan het woord. Naast zijn ervaringen aan beide zijden van de hulpverlening legde hij iets uit over macht en onmacht in de psychiatrie. Macht is volgens hem een ‘vermogen’ om iemand (fysiek) van vrijheden te beroven. Onmacht is een ervaring waar je je niet tegen kan verweren omdat je ergens van afhankelijk bent. Dwang is het uitoefenen van macht. Dwang ervaren is als je geen andere mogelijkheden meer hebt. Als je dit vertaald naar een opname in de GGZ, dan is een gedwongen opname gekenmerkt door macht voor de hulpverlening en heeft de client geen zeggenschap (onmacht). Bij een ‘vrijwillige’ opname is de client afhankelijk wegens zijn of haar hulpvraag en het zorgaanbod in de regio. En zeker als men kijkt naar de specifieke huisregels dan heeft de client ook bij een vrijwillige opname slechts beperkte zeggenschap. Na de opname wordt er door de behandelaars een diagnose gesteld en een behandelkeuze gemaakt, die weer sterk afhankelijk is van het plaatselijke zorgaanbod. De verblijfsduur wordt bepaald door de behandelaar, want die bepaald wanneer iemand genezen is en met ontslag kan. Dus min of meer kan men stellen dat de client geen zeggenschap heeft over opname, behandeling en ontslag in de psychiatrie. De client kan dus alleen respect ‘verdienen’ binnen de heersende orde (tegen het ziektebeeld in) en hopen dat hij of zij snel genezen is en weer zeggenschap kan ervaren, in tegenstelling tot een klant in een winkel.

Al met al was het een zeer positief congres met een frisse smaak van een verse cultuuromslag, en dat smaakt naar meer!

Actiegroep Tekeer tegen de isoleer!